
Terwijl de hele waddenkust door zandige waddeneilanden omzoomd is, rijst ongeveer 70 kilometer voor de monding van de Elbe en 45 kilometer ten westen van Eiderstedt een bijna 60 meter hoge, rode rots uit de Noordzee op. Dicht bij de rots zijn duintjes ontstaan op de restanten van andere rotsen. Omdat Helgoland het enige rotseiland in de zuidelijke Noordzee is, biedt het ideale broedgelegenheden voor veel zeevogels. Duizenden zeekoeten nestelen hier ieder jaar. Ook drieteenmeeuwen, dikbek-zeekoeten, alken en sinds kort Jan van Genten brengen op de richels van de rode rotsen hun jongen groot. Al in de prehistorie vond men dit eiland bijzonder, daarom werd het ook "heilig land" (Helgoland) genoemd.
Steile kliffen
De steile klif bestaat uit vrijstaande rotspilaren (zoals de Lange Anna), uitsteeksels, bruggetjes, kliffen, nauwe bergkloven (schoorstenen) en door de branding gemaakte gaten in de rotsen. De zeevogels gebruiken de opstijgende lucht in de schoorstenen als lift. De zuid-west kant van het eiland wordt beschermd door een dam, zodat deze kant niet verder door de Noordzee aangetast wordt. Aan de noord-west kant heeft de Noordzee nog vrij spel. Sinds 1940 is nog maar 10% van de kust van het 7,7 kilometer lange eiland direct blootgesteld aan de zee.
Op sommige plaatsen zijn ondertussen gruishellingen ontstaan omdat het weg-geërodeerde rotspuin niet meer door de branding weggevoerd wordt. Op de lange pier aan de noordkant van het eiland laten de talrijke aalscholvers hun vleugels drogen door de zon en de wind. De duintjes bieden een rustplaats voor sterns en zeehonden.
Flora en Fauna
De flora van Helgoland lijkt door de bijzondere ligging en de rotsige ondergrond op die in het Atlantische gebied. Hier groeien onder andere heggerank, Ray's duizendknoop, Babington's kustmelde, klippenkool (de voorloper van alle koolsoorten die tegenwoordig gegeten worden), zeekool, blauwe zeedistel en gele hoornpapaver. Een van de weinige oude bomen op het hoge deel van het eiland is een bijna 200 jaar oude zwarte moerbeiboom. Bijzonder is de Helgolandse huismuis (mus domesticus helgolandicus) die alleen op het eiland voorkomt en wiens vel dezelfde rode kleur heeft als de rotsen. Het betreft hier een echte eilandsoort.