

Verspreiding en leefgebied
De zwarte zee-eend broedt in Noord-Europa in zoetwatergebieden. De rest van het jaar zie je ze vooral op zee, in een strook langs de kust, waar de schelpdierbanken zijn.
k-zwarte-zee-eend-NL.jpg

Winterkost
In het broedseizoen, in het hoge noorden, eten zwarte zee-eenden vooral insecten en plantaardig materiaal. In de winter gaan ze de zee op en eten ze schelpdieren. Ze zoeken dan vooral naar soorten die dicht op elkaar gepakt leven. Onder water in de Noordzeekustzone ligt een waar buffet voor duikeenden. Schelpdieren als de halfgeknotte strandschelp en de Amerikaanse zwaardschede leven daar 'mannetje aan mannetje', soms wel met duizenden schelpdiertjes per vierkante meter. De meeste schelpdieren zijn te vinden op plekken waar het meer dan 10 meter diep is, dichter bij de kust is het door de branding te ruig voor de schelpdieren.
Van strandschelp naar zwaardschede
Halfgeknotte strandschelpen (spisula's) zijn het lievelingseten van zwarte zee-eenden. De strandschelpen hebben precies de goede maat voor de duikeenden. Daarnaast zijn ze makkelijk te vangen omdat ze zich niet zo diep in de bodem ingraven en zich nauwelijks bewegen. Maar de afgelopen jaren is er veel veranderd. Om onduidelijke redenen kwamen er jaar na jaar nog maar weinig jonge schelpdieren bij. Tegelijk gingen er veel volwassen schelpdieren dood door visserij, zeer strenge vorst en zware stormen. Zo waren er steeds minder halfgeknotte strandschelpen te vinden. Het verdwijnen van de halfgeknotte strandschelp viel min of meer samen met de opkomst van een nieuwkomer, de Amerikaanse zwaardschede. De larven van dit schelpdier liftten mee met zeeschepen uit Amerika en kwamen zo in de Noordzee terecht. Hoewel ook deze schelpdieren dicht opeen gepakt in uitgestrekte velden leven, lijken ze minder geschikt voor de duikeenden. De zwaardschedes zijn langwerpig en scherp, wat het eten lastig, of zelfs gevaarlijk maakt. Daarbij kunnen ze zich snel dieper ingraven en zo makkelijker ontsnappen aan de duikeenden, die in het donkere zeewater op de tast moeten zoeken.
Minder eenden
Zo’n twintig jaar geleden werden vlakbij de Waddeneilanden meerdere winters achter elkaar groepen van ruim 100.000 zwarte zee-eenden gezien. Maar rond de eeuwwisseling veranderde dat. Er kwamen steeds minder zwarte zee-eenden in de kustzone overwinteren. Rond 2010 verbleven er nog maar enkele duizenden in de buurt van de Waddeneilanden. Laten de eenden de kustzone voor gezien omdat er bijna geen strandschelpen meer te vinden zijn? De vogelonderzoekers zijn er nog niet helemaal uit. De eenden broeden in het hoge Noorden en ook daar lijken ze het moeilijk te hebben. Daarnaast kan klimaatverandering een rol spelen. Wanneer de Oostzee minder koud wordt in de winter hoeven de eenden niet helemaal naar de Noordzee te komen om te overwinteren. Om de zwarte zee-eend in de Noordzeekustzone meer kans te geven is de commerciële visserij op halfgeknotte strandschelpen langs de Waddenkust in 1999 verboden.
Bescherming
- Signalering: Network Ecologische Monitoring
- Nationale wetgeving: Flora- en Faunawet
- Europa: Vogelrichtlijn
- Internationaal: Overeenkomst voor de bescherming van Afrikaans-Europese Trek(water)vogels (AEWA), Bern-Conventie, Bonn-Conventie