Overslaan en naar de inhoud gaan

Spisulavisserij

De halfgeknotte strandschelp is ook voor mensen eetbaar en wordt wel gebruikt in gerechten zoals paella. De schelpen worden vaak anders genoemd, zoals 'spisula' of 'nonnen'. Sinds de vangst van kokkels is teruggelopen zijn enkele kokkelvissers op spisula gaan vissen. Maar het schelpdier is sinds 2002 zo sterk achteruit gegaan, dat de visserij niet meer lonend is. Dit is in het verleden vaker gebeurd. Soms was er meer dan tien jaar lang geen spisula te bekennen in het Nederlandse kustwater.

Problemen voor de zee-eenden

Spisula's worden sinds 1990 vooral door kokkelvissers opgevist, onder andere ten noorden van Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog. Daardoor kreeg de zwarte zee-eend het zwaar te verduren. Deze eenden overwinteren in grote groepen in de Nederlandse kustwateren, waar ze bij voorkeur spisula's eten. De aantallen zwarte zee-eenden namen af van 135.000 in de winter 1992-1993 naar circa 55.000 in de winter 1993-1994. Volgens biologen kwam dit door de visserij. Daarom werd die in 1999 de spisulavisserij in de kustzone ten noorden van de Waddeneilanden verboden. Maar dat mocht niet baten. De spisula bleef achteruit gaan. De zee-eenden moesten overschakelen op ander voedsel. Ze eten nu jonge zwaardschedes, maar die kunnen de dichte spisulabanken niet vervangen. Daardoor zijn de Nederlandse kustwateren minder van belang geworden voor de zwarte zee-eend.

CC-BY-NC, Ecomare & VLIZ 2020 - Laatst bijgewerkt: