Overslaan en naar de inhoud gaan

Recreatie op Schiermonnikoog

De recreatie op Schiermonnikoog kwam langzaam op gang in de periode 1850-1940. Tussen 1945 en heden groeide het aantal toeristen tot ongeveer 300.000 per jaar. Het wadlopen en de vormen van natuurstudie op het eiland verdienen speciale aandacht. Ook komt het beleid van de gemeente op het gebied van toerisme aan de orde. In 1995 heeft de gemeente Schiermonnikoog een plan gemaakt over het toerisme. Daarin staat dat er niet teveel toeristen naar Schiermonnikoog mogen komen. Er mogen niet meer dan 600 slaapplaatsen zijn. Anders wordt de rust te veel verstoord. Er mogen ook geen nieuwe horecabedrijven bijkomen. Op Schiermonnikoog is veel te doen voor toeristen. Zo kun je onder andere wandelen, fietsen, zeilen, vissen, langlaufen, wadlopen en kamperen. Bij het strand kun je zwemmen, surfen en vliegeren.

Watersport en de jachthaven

In 1927 werd de eerste aanlegdam van Schiermonnikoog gebouwd. In 1962 werd verderop naar het oosten een nieuwe veerdam aangelegd. De oude aanlegdam werd omgebouwd tot jachthaven. Er kunnen 140 boten liggen. Met extra laagwater is de haven moeilijk bereikbaaar. 

Toerisme in 1850-1945

In de 19e eeuw vonden enkele belangrijke eilanders dat het eiland een badplaats moest worden. Men keek naar de Duitse waddeneilanden die dit al lang waren. In 1866 werd er een badcommissie opgericht. En een paar jaar later begon het toerisme op gang te komen.
De badgasten waren vooral rijken uit Groningen en Noord-Duitsland. Op initiatief van artsen uit Leeuwarden kwamen er iedere zomer twintig kinderen uit de steden naar het eiland om eens lekker in de natuur te zijn. De eilander Zeilinga begon met de eerste busdienst.

Het toerisme bleef toenemen. Er kwamen ook mensen met minder geld. Ze verbleven in pensions, kamers van particulieren en zomerhuisjes. De eerste zomerhuisjes stonden er in 1920, aan de westkant van de Badweg en langs het Karrepad. In 1887 werd bij het strand een groot hotel gebouwd, het Badhotel. Tot die tijd was er maar één pension op het eiland, pension De Boer, het latere Hotel Van der Werff. Het Badhotel had zestig kamers, waterbaden en enkele sfeervol ingerichte zalen. Op het strand kon je strandstoelen, badpakken en badkoetsen huren. Rond 1895 was het hotel eigendom van de nieuwe eigenaar van het eiland, Graaf Von Bernstdorff. Hij kocht een boot om de gasten naar het strand voor het hotel te brengen. In 1912 werd bij het strandhotel een boulevard met villa's aangelegd. Na de Eerste Wereldoorlog verkocht de graaf het hotel aan NV Wagenborg te Delfzijl.

Tussen 1916 en 1925  lag er een zandbank voor het strand bij het badhotel. De geul tussen zandbank en strand werd dieper, en stroming in de geul was zo sterk dat er bij storm vele meters duin wegsloegen. In 1918 sloeg het zeewater de boulevard gedeeltelijk weg. Eén van de villa's werd verplaatst richting het dorp en die staat er nog steeds: Villa Opduin. Vanaf 1923 kon het badhotel niet meer in bedrijf blijven, omdat delen waren afgebrokkeld. In 1925 stortten de boulevard, de villa's  en het hotel volledig in. Meer landinwaarts werd toen een nieuw strandhotel gebouwd, de voorloper van het huidige 'Noderstraun'.

 

Toerisme vanaf 1945

Na 1970 kwamen steeds meer mensen voor maar één dagje naar Schiermonnikoog. Er kwamen ook meer voorzieningen voor de toeristen, zoals hotels, restaurants en sportvelden. Schiermonnikoog werd een auto-luw eiland: toeristen mogen de auto niet meenemen. Er komen op Schiermonnikoog vooral strandtoeristen en natuurtoeristen. n 1969 ging de Lauwerszee dicht. Na de aanleg van de nieuwe haven Lauwersoog rond 1970 vertrok de veerboot van daar af naar het eiland. Daardoor werd de reistijd korter. Daarom kwamen er meer dagjesmensen. Steeds meer eilanders kregen werk in het toerisme. Er kwam een midgetgolfbaan, een manege, een bezoekerscentrum over natuur en milieu, een zwembad en tennisbanen op het eiland. En er kwamen meer winkels, café's, snackbars, restaurants, hotels, appartementen en zomerhuisjes.

In de jaren zestig van de vorige eeuw werd in de polder een complex van 130 bungalows met de naam De Monnik gebouwd. In de jaren zeventig werd ten westen van het dorp een klein complex met bungalows gebouwd met de naam Klein Zwitserland. Er waren in 1996 acht hotels en twee pensions op het eiland. Zes van de zeven boeren hebben in hun boerderij slaapschuren voor toeristen. Er zijn twaalf restaurants op het eiland.

De toeristen die Schiermonnikoog bezoeken komen voor de rust en de natuur. Ze trekken de Oosterkwelder in of lopen langs de Strandvlakte. De dagjesmensen blijven meestal op het westelijke deel van het eiland. Alle voorzieningen voor toeristen zijna in het dorp en langs de Badweg. Er zijn excursies, huifkartochten, rondvaarten over de Waddenzee en tochten met een wagen achter een trekker over het strand naar de oostpunt van het eiland.

Wadlopen

Je kunt wadlopen naar Schiermonnikoog en naar Ameland. De tocht naar Schiermonnikoog is 17 kilometer lang en zwaarder dan die naar Ameland, die 10 kilometer lang is. De wadlopers gaan over het wantij. Het kortste wadlooproute van Schiermonnikoog liep vroeger naar Friesland. Omdat het eiland zich verplaatst naar het oosten verschoof het wantij ook naar het oosten. Nu loopt de kortste route naar Groningen.

De eerste wadlopers naar Schiermonnikoog waren de schiere monniken. Die gingen met hun vee over het wad naar het eiland. Maar dat waren kolonisten, geen recreanten. Rond 1810 werd er al over het wad gelopen als sport. Twee officieren uit het Franse leger, Atthalin en Picot, schreven er over: "In tegenstelling tot Ameland is op Schiermonnikoog de kunst van het wadlopen wel in ere. Bij laag water met oostenwind kan men van de oostzijde van het eiland droogvoets lopen naar Hornhuizen. De overtocht duurt vier uur."

Na de Tweede Wereldoorlog gingen steeds meer mensen wadlopen. Ze deden het voor het plezier en de spanning. In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw was het enorm populair. Op sommige dagen liepen vele groepen over het wad. Daarom zijn er maatregelen genomen om de drukte af te remmen. Er zijn nu zeven wadloop-organisaties die een vergunning hebben voor tochten met grote groepen. De tochten moeten goed gepland worden en er is per dag een maximaal aantal groepen. Bij dreigend onweer mag je niet het wad op. De tocht loopt nu van de Negenbroekenpolder in Groningen naar de veerdam op Schiermonnikoog. Buiten het broedseizoen is er een tocht naar paal Q/19, iets ten westen van het Willemsduin.

CC-BY-NC, Ecomare & VLIZ 2020 - Laatst bijgewerkt: