Overslaan en naar de inhoud gaan

Nonnetje

Het nonnetje leeft ingegraven in de slibrijke of zandige zeebodem, waarbij alleen de zuigbuisjes (sifo's) boven de bodem uitkomen. Omdat platvissen en krabben dit lekkere hapjes vinden, bijten ze er deze regelmatig af. Schelpen van nonnetjes worden overal op het strand gevonden. Ze zijn vaak heel kleurrijk.

Namen 
la
Limecola balthica (eerder Macoma balthica)
nl
nonnetje
en
baltic tellin
fr
telline de la Baltique
de
Baltische Tellmuschel
meer namen
Kenmerken 
afmetingen
tot 3,5 centimeter lengte, meestal kleiner
kleur
egaal wit, geel, oranje, roze tot paars
leeftijd
meestal 3 tot 7 jaar, max. tot 12 jaar
voedsel
detritus en fytoplankton
bedreigingen
steltlopers, platvissen, krabben en garnalen
voortplanting
geslachtelijk, gescheiden geslacht

Verspreiding en habitat

Nonnetjes komen voor in de Noordelijke IJszee en aan beide zijden van de Atlantische Oceaan tot op een diepte van 35 meter. Het nonnetje is algemeen aan de Belgische en Nederlandse Noordzeekust, de Waddenzee en het Deltagebied.

Het nonnetje leeft tot 6 centimeter diep ingegraven in de slikrijke of zandige zeebodem van het wad en de kustwateren. Het kan overleven in zowel zeewater, als brakke zeearmen en riviermondingen. Ook zuurstofarm water blijkt het nonnetje wel even te kunnen verdragen. Interessant is dat het verspreidingsgebied van het nonnetje afneemt in het Zuiden: zo is de soort ondertussen al verdwenen in Spanje. En ook bij ons blijkt de soort almaar minder talrijk door het warmer wordende klimaat en het minder voorkomen van strenge winters.

In vele vrolijke kleurtjes

Zowel aparte schelphelften als doubletten van deze algemene schelpensoort vind je ook op het strand terug, in bepaalde periodes zelfs in massale aantallen. Het nonnetje is te herkennen aan de typische ronde vorm, maar met één opvallend spitse zijde.

Nog opvallender is de kleurenpracht van het nonnetje: dit kleine schelpje is vaak geel, roze of zelfs oranje, dikwijls met concentrische kleurbanden en de zone van de top in een donkerdere tint van dezelfde kleur. In brak water blijven ze meestal gewoon wit. Nonnetjes leven soms diep in de modder in een zuurstofarme omgeving. Dan krijgen de schelpjes donkere blauwgrijze kleurbanden. Na zandsuppleties zijn ook weleens bruine of grijze (fossiele) klepjes te vinden.

fitis-nonnetje-platte-slijkgaper-sd.jpg

Nonnetjes en platte slijkgaper | © Ecomare, Foto Fitis, Sytske Dijksen

Klimaatwijziging merkbaar

Het feit dat nonnetjes leven in de Noordelijke IJszee zegt iets over hun voorkeur voor koudere temperaturen. In tegenstelling tot veel andere schelpdieren, is het nonnetje goed bestand tegen vorst. Na een strenge winter komen ze vaak voor in massale aantallen.

Interessant is dat het nonnetje in het zuiden van zijn verspreidingsgebied al een teruggang vertoont: zo is de soort ondertussen al verdwenen in Spanje en in de Gironde (Zuidwest-Frankrijk). Ook bij ons in de Lage Landen blijkt de soort steeds minder talrijk, door het warmer wordende klimaat en de afwezigheid van strenge winters.

Fastfood voor vogels en vissen

Het nonnetje was altijd een betrouwbare voedselbron voor de vogels die de kunst verstaan om nonnetjes op te sporen. Kanoetstrandlopers en mannelijke rosse grutto's zijn daar meesters in. Maar ook bonte strandlopers, scholeksters, en tureluurs speuren de wadplaten af naar nonnetjes. In dieper water hebben eidereenden, grote en zwarte zee-eend het op deze schelpdieren gemunt.

Nonnetjes hebben sifo’s tot wel 6 cm lang, kunnen daarmee diep in het sediment huizen en toch nog het bovenstaande water filteren op algen en andere lekkere brokjes. In de zomer en najaar, als er minder voedsel in het water zweeft, kruipen ze naar boven. Met hun lange sifo’s voelen ze dan het bodemoppervlak af (pipetteren), op zoek naar eetbare algen en brokjes detritus. Ze zuigen ze op met de instroombuis, die werkt als een onderwaterstofzuiger.

Schol, andere platvissen en krabben knabbelen die zuigbuizen er graag af. Hoewel de sifo’s weer aangroeien, moet het nonnetje dan tijdelijk wel wat minder diep in de zeebodem gaan leven om aan eten te komen. Dat is onveilig omdat er veel wadvogels zijn die de nonnetjes in hun geheel kunnen verorberen. Ook glanzende tepelhoren lust graag nonnetjes. Zo vind je soms schelpen van nonnetjes die zijn aangeboord zijn door deze soort, en een gaatje vertonen.

Ontwikkeling van het nonnetje

In het voorjaar planten nonnetjes zich voort. De mannetjes spuiten dan hun zaadcellen het water in. De eitjes worden bevrucht in de mantelholte van de vrouwtjes en daarna geloosd in het water. Het larfje leeft eerst als planktondiertje. Na een week krijgt het diertje een soort vleugeltjes, waarmee het rondzwemt en plankton vangt. Later, na 2 tot 3 weken, verdwijnen die. Het diertje krijgt dan een voet en een schelpje en dan zakt het naar de bodem.

macoma-ontwikkeling-NL.jpg

Ontwikkeling van een nonnetje | © NIOZ, www.nioz.nl

Massale strandingen

Begin maart 2021 strandden op de stranden aan de Belgische oostkust massaal veel verse nonnetjes aan, waarvan de schelphelften nog samenhingen als doubletjes (“portemonneetjes” in de volksmond). Dit wijst op het recent afsterven en aanspoelen vanuit de ondiepe kustwateren, het leefgebied van de soort.

Waddengebied

Nonnetje gaat achteruit. In de Waddenzee gaat het slecht met het nonnetje. Het nonnetje heeft er last van dat de Waddenzee warmer wordt. In de tijd dat er veel jonge nonnetjes op het wad zijn, waren er vroeger nog geen garnalen. Die zaten nog in de diepere geulen. Tegenwoordig komen de garnalen eerder het wad op en eten dan veel jonge nonnetjes.

Hollandse kust

In de Noordzeezone gaat het nonnetje gestaag achteruit. Ook in het Grevelingenmeer en de Oosterschelde komt de soort steeds minder voor. Enkel in de Westerschelde blijft het nonnetje even talrijk.

Vlaamse kust

Tijdens de Grote Schelpenteldag van 2021 telden 1100 burgers de schelpen aanwezig op de Belgische stranden. Het nonnetje was goed voor bijna 30% van alle gevonden schelpen. Twee derde van alle nonnetjes werden als ‘doublet’ aangetroffen, wat wijst op mogelijke sterfte onder invloed van de stormcondities de voorafgaande weken.

CC-BY-NC, VLIZ & Ecomare 2020 - Laatst bijgewerkt: 2021.03.17
Mediagalerij

© VLIZ (Karen Rappé)