Overslaan en naar de inhoud gaan

Sterns algemeen

Net voorbij de golven duiken ze met een sierlijke zwaai de zee in: de sterns. Deze prachtige vogels jagen zo op vis. Ze hebben het voorzien op de grote scholen zandspiering, jonge haring en sprot die in de Noordzeekustzone leven. De vette en voedzame visjes uit deze scholen zijn van levensbelang voor sterns en hun kuikens. Tijdens de eerste levensweken van de jonge sterns vliegen de oudervogels daarom af en aan tussen de visgronden en de broedkolonies op het vasteland. Een taaie klus…… ook omdat ze maar één vis per keer kunnen meenemen.
Namen 
la
Sternidae
nl
sterns
en
terns
fr
sterninae
de
Seeschwalben
meer namen

sternen.jpg

Sternen | © Ecomare, Erik van Ommen

Uitdagingen

De sterns langs de Noordzeekustzone hebben het moeilijk. Er zijn niet veel plekken te vinden langs onze kust waar de vogels én dicht bij zee kunnen nestelen én waar ze beschermd zijn tegen overstromingsgevaar, roofdieren en mensen. Ook de hoeveelheid vis in de kustzone laat in sommige jaren te wensen over. Wanneer er door vissers te veel kleine vis wordt weggevangen, blijft er niet genoeg over voor de sterns. Door de stijgende temperatuur van het zeewater verandert er het een en ander in de Noordzeekustzone. Mogelijk verplaatsen de scholen kleine vis zich naar dieper water, dat koeler is. Dan moeten de sterns verder vliegen om het kostje voor hun kuikens te kunnen verzamelen en kunnen ze op één dag minder vaak heen en weer vliegen van het nest naar het diepe water. Sterns hebben in het verleden ook erg veel last gehad van giftige stoffen. Doordat deze stoffen via rivieren in zee terecht kwamen, kregen de sterns ze via de vis binnen. Daardoor kwamen de eieren niet meer uit. Ook nu nog kunnen giftige stoffen een rol spelen in het slechte broedsucces van deze vogels.

Pendelen

In de eerste weken dat de kuikens uit het ei zijn, komt het er op aan voor de sterns. Eén van de ouders blijft bij het nest, terwijl de ander af en aan vliegt met vette visjes. Wanneer er niet genoeg te eten binnenkomt, kan de achterblijvende vogel zo’n honger krijgen dat deze het nest ook verlaat. Dan sterven de kuikens van de kou of worden ze opgegeten door meeuwen of landroofdieren. Wanneer de kuikens zo zelfstandig zijn dat ze zichzelf kunnen verstoppen, gaan beide ouders met voedsel pendelen. Na vier weken kunnen de kuikens zelf vliegen en gaan ze mee naar zee. Daar worden ze nog lang door hun ouders gevoerd, terwijl ze ondertussen de kneepjes van het ‘vissersvak’ leren.

Snackbar om de hoek

Om per dag toch zoveel mogelijk vis naar hun kuikens te kunnen brengen, is het voor de sterns belangrijk dat de scholen vis dicht langs de kust te vinden zijn. Dat is niet altijd het geval. Sommige jaren is er maar weinig jonge haring in de Noordzeekustzone. Wanneer er niet genoeg haring te vinden is, gaan grote sterns niet broeden. Ze beginnen er dan niet eens aan. Bij deze vogels hangt het aantal paartjes dat probeert om kuikens te krijgen dus direct af van het aantal jonge haringen in de kustzone. Het is niet bekend waarom er voor de sterns niet altijd genoeg vis meer te vinden is langs de Noordzeekust, maar waarschijnlijk heeft het te maken met klimaatverandering, overbevissing en natuurlijke schommelingen in de vispopulaties.

Verspreiding en habitat

Sterns zijn in het Noordzeegebied typische zomergasten. In april en mei komen ze naar de Noordzee om te broeden en in augustus en september trekken ze weer weg naar de West-Afrikaanse kust. Daar overwinteren ze op eilandjes en in mangrovebossen. De visdief en de noordse stern broeden verspreid in kolonies langs de hele Noordzeekust, terwijl de grote stern alleen in het zuidelijke, zandige deel van Noordzeekust voorkomt.

Gezellig, maar er hangt wel een luchtje aan

Om de afstand tussen het eten en de nesten zo klein mogelijk te laten zijn, broeden sterns dicht langs de kust. De broedplaatsen van sterns kun je vaak al van verre horen en… ruiken! De vogels nestelen het liefst dicht bij elkaar, maar dat gaat gepaard met heel wat luidruchtige burenruzies. Doordat de kuikens de eerste weken op het nest hun visjes krijgen, hangt er rond zo’n kolonie een sterke vislucht. Dat nest is niet veel meer dan een kuiltje in het zand. Zo’n nest op de grond is erg kwetsbaar, want landroofdieren zoals vossen, ratten en verwilderde katten kunnen er zo bij. Daarom vind je de meeste kolonies op afgelegen zandplaten en eilanden.

sternnsss.jpg

Grote sternen | © Ecomare

Sterntjesmoord

In het begin van de twintigste eeuw was het in Nederland mode geworden om dameshoeden te versieren met veren van vogels. Dat ging zo ver dat complete staarten, vleugels en soms zelfs de vogel in zijn geheel op de hoed werden gedragen. Voor deze gruwelmode waren visdiefjes en noordse sterntjes het meest geliefd. Vooral in de jaren 1906 en 1907 werden daarvoor grote delen van sternkolonies afgeschoten. De sterntjesmoord leidde in 1908 tot het besluit om de sterns de status beschermde vogel te geven. In de geschiedenis van de vogelbescherming was dit een zeer gedenkwaardige beslissing omdat het voor het eerst was dat een vogel beschermd werd in het kader van het 'natuurlijk evenwicht'. Daarvoor werden planten of dieren alleen beschermd als ze direct nut hadden voor de mens.

sternhoed.jpg

sterntje op dameshoed | © Ecomare,  knnv

Bovenliggende categorieën

CC-BY-NC, Ecomare 2017 - Laatst bijgewerkt: 2015.10.14