Overslaan en naar de inhoud gaan

Langeduinen-Noord

Het uitgestrekte moerassige duingebied tussen Hollum en Ballum heet de Langeduinen. Het is het enige gebied op Ameland waar de blauwe kiekendief en de roerdomp broeden. De in 1959 aangelegde stuifdijk veranderde het droge duingebied in een moeras. Het totale gebied heeft een oppervlakte van 294 hectare. Er loopt een fietspad doorheen. Voor planten is de Langeduinen een gebied van grote betekenis. Aan de westkant van de Langeduinen bevindt zich een boorlocatie van de NAM die met een hoog hekwerk is omgeven. 

Boeiende gemeenschap

Het noordelijke deel bestaat uit moerassen met riet, ruwe bies en heen. Via slufterachtige openingen in de zeereep dringt bij hoge stormvloeden zeewater in deze vallei. De afwisseling van nat en droog, zoet en zout, heeft een boeiende plantengemeenschap doen ontstaan. Een aantal zeldzame plantensoorten die hier voorkomen zijn moeraskartelblad, parnassia, knopbies, groot blaasjeskruid, klein blaasjeskruid en groenknolorchis.

Fauna

In de Langeduinen komen de roerdomp en het baardmannetje voor. Zij voelen zich thuis in dit moerasgebied. Ook buiten het broedseizoen zijn ze hier te vinden. Beide soorten staan sterk in de belangstelling omdat ze zeldzaam zijn in West-Europa. Ook de waterral broedt in dit gebied. Door de combinatie zoet water met rust zijn in de Langeduinen veel watervogels te vinden. In de trektijd is het gebied rijk aan zangvogels. In de zomer hoor je kikkers en padden overal kwaken.

CC-BY-NC, Ecomare & VLIZ 2020 - Laatst bijgewerkt: