
De witte kwikstaart eet vooral insecten. Hij vangt ze vliegend of door ze rennend van de grond te pikken. De lange staart komt goed van pas bij deze capriolen: die zorgt voor evenwicht. Witte kwikstaarten worden ook wel 'ploegendrijvertje' genoemd, omdat ze achter trekkers naar opgeploegde lekkernijen zoeken. Omdat ze ook graag tussen paarden, schapen en koeien naar insecten zoeken, is 'paardenwachtertje' ook een veelgebruikte naam voor de witte kwikstaart.
Namen
la
Motacilla alba
nl
witte kwikstaart
en
white wagtail
fr
bergeronnette grise
de
Bachstelze

Zie ook
Verspreiding en habitat
De witte kwikstaart komt in geheel Europa voor in open gebieden. Ze broeden in kunstmatige holletjes in schuurtjes, hopen rommel en soms op ongebruikelijke plaatsen zoals een geparkeerde trekker. Nauw verwant aan de witte kwikstaart is de rouwkwikstaart. Deze kwikstaart komt voor in Groot-Brittannië, Ierland en is zeldzaam langs de Noordzeekust van het vasteland. In het vroege voorjaar zijn ze in het kustgebied als doortrekker te zien. De rouwkwikstaart heeft een zwarte rug, de witte kwikstaart een grijze.
White-Wagtail.jpg

CC BY-SA 2.5 Andreas Trepte, WikiMedia