
Wadslakjes zijn klein maar belangrijk. Ze worden door veel dieren gegeten. De ontlasting van deze slakjes kit het zand en slik aan elkaar en zorgt ervoor dat de bodem niet wegspoelt. Wadslakjes kunnen kruipen en bij hoogwater drijven met behulp van een slijmbelletje aan de onderkant van het dier waarmee het ondersteboven aan het oppervlak met de wind en golven mee drijft.

Verspreiding en habitat
Je vindt wadslakjes op het wad en in de deltagebieden, tot 20 meter diepte. Wadslakjes kunnen goed tegen brak tot bijna zoet water, zodat je ze ook landinwaarts kunt vinden. De hoeveelheid wadslakjes op het wad kan wel oplopen tot 200.000 per vierkante meter. Soms vind je aan dijkvoeten in het waddengebied hele banken van het "grijze gruis". Als je er met je neus bovenop zit, zie je dat het om duizenden wadslakjes gaat. Ze zijn het slachtoffer van de wind, die ze bij ondiep water naar de kant heeft geblazen.
fitis-wadslakjes-aangespoeld-1-sd.jpg
