Overslaan en naar de inhoud gaan

PKB Derde Nota Waddenzee

De PKB Derde Nota Waddenzee is een nota waarin het rijksbeleid voor de Waddenzee voor de periode 2007-2017 wordt vastgelegd. De PKB is een nadere uitwerking van de Nota Ruimte. De hoofddoelstelling is de duurzame bescherming en ontwikkeling van de Waddenzee als natuurgebied en het behoud van het unieke open landschap. In de PKB wordt het beleid voor de Waddenzee op het gebied van natuurbescherming, ruimtelijke ordening, milieu en water in onderlinge samenhang beschreven. Via andere rijksnota's en provinciale en gemeentelijke ruimtelijke plannen vindt dit beleid zijn weg. De Derde Nota Waddenzee is het vervolg op de PKB's van 1992 en 1980 en is in december 2006 door de Eerste Kamer goedgekeurd.

Hoofddoelstellingen

De Rijksoverheid streeft naar een duurzame bescherming en ontwikkeling van de Waddenzee als natuurgebied. Dit houdt in:

  • ongestoorde ontwikkeling van de waterbewegingen en de hiermee samenhangende geomorfologische en bodemkundige processen
  • de duurzame bescherming van de kwaliteit van water, bodem en lucht
  • de duurzame bescherming van de de (bodem)flora en fauna, zoals de foerageer-, broed- en rustgebieden van de vogels, de werp-, rust- en zooggebieden van zeezoogdieren, met name zeehonden, de kinderkamerfunctie voor de Noordzeevis
  • de duurzame bescherming van de de flora en fauna van de buitendijkse gebieden en de daaraan grenzende duinen
  • de landschappelijke kwaliteiten (de verscheidenheid en het specifieke karakter van het open landschap) en de belevingswaarde van natuur en landschap

Geschiedenis van de PKB

De PKB Waddenzee is de opvolger van de Nota Waddenzee en beschrijft het Waddenzeebeleid voor de komende tien jaar. De PKB bestaat uit drie delen: deel 1 is de ontwerpnota, die in 2001 klaar was. Daarop volgde deel 2 met reacties op het ontwerp en in deel 3 stond het kabinetsstandpunt. Na behandeling in de Kamer had de PKB in 2002 goedgekeurd moeten zijn en in werking kunnen treden, maar door de val van het toenmalige kabinet is dit uitgesteld. De PKB werd in de tussentijd aangepast en o.a. onderworpen aan de Europese habitat-richtlijnen. In 2006 was het wel zover: na inspraakrondes in het voorjaar van 2006 werd op 12 mei 2006 door de ministerraad ingestemd met deel 3, zodat het voor de zomer van 2006 naar de Kamer kan en begin 2007 in werking kan treden.

Mensen en het wad

In de PKB worden de principes voor het beheer van de Waddenzee, zoals die zijn vastgesteld op de ministersconferentie in Esbjerg in 1991, uitgewerkt. Menselijk gebruik wordt volgens de PKB toegestaan als dat de hoofddoelstelling niet in gevaar brengt. Wel moet van tevoren de noodzaak hiervan aangetoond zijn. Wanneer bij de afweging duidelijke twijfel bestaat over de toelaatbaarheid van een activiteit vanwege de mogelijke gevolgen ervan voor het ecosysteem, zal het behoud van de natuur in de Waddenzee de doorslag geven (het voorzorgprincipe).Wanneer activiteiten toelaatbaar worden geacht in de Waddenzee, stelt de overheid wel als voorwaarde dat de best uitvoerbare technieken worden toegepast om negatieve milieu-effecten te voorkomen of te beperken. Dit kan onder meer door toepassing van een zoneringssysteem.Tijdelijke of blijvende aantasting van de natuurwaarden in de Waddenzee vindt de overheid alleen aanvaardbaar als de schade aan het milieu kan worden gecompenseerd door elders in het gebied iets extra's te doen aan de duurzame bescherming en ontwikkeling.Het natuurbeheer in de Waddenzee is erop gericht de kwelders op het huidige areaal en (min of meer) gesloten stuifdijken op de bewoonde eilanden in stand te houden. Op de waddeneilanden zelf zal het behoud van kwelders zo veel mogelijk worden gewaarborgd. Om een zo natuurlijk mogelijke overgang naar meer dynamische gebieden te krijgen, zal het onderhoud aan de stuifdijken in de overgangsgebieden extensief zijn. Kwelderwerken langs de Fries-Groningse vastelandskust (met als doel het areaal kwelders te behouden), worden op een zo natuurlijk mogelijke wijze voortgezet.De belasting van de Waddenzee met verontreinigingen en nutriënten zal worden teruggebracht door geen nieuwe lozingen toe te staan van ongezuiverd afvalwater op de Waddenzee en de aangrenzende havens.

Relatie met de Natuurbeschermingswet en MER-plicht

De PKB Waddenzee kreeg een versterkte wettelijke status toen het grootste deel van de Waddenzee in 1993 werd benoemd tot Staatsnatuurmonument in het kader van de Natuurbeschermingswet. Beiden zijn namelijk met instemming van de Tweede Kamer aan elkaar gekoppeld. Buiten dat is sinds enkele jaren ook een verplichting tot milieu-effectrapportage (MER) van kracht voor activiteiten in het waddengebied.

CC-BY-NC, Ecomare & VLIZ 2020 - Laatst bijgewerkt:

Bovenliggende categorieën