
Knikkende vogelmelk is een uitheemse plant. Hij komt uit het westen van Turkije en het oosten van Griekenland. Hier is het een plant van kalkhoudende voedselrijke gronden. In tegenstelling tot de gewone vogelmelk heeft knikkende vogelmelk niet alleen bollen, maar ook zaden om zich te vermeerderen. De knikkende vogelmelk is een typische stinseplant: hij is door bewoners van buitenhuizen in Noord-Nederland ingevoerd en verspreid. In België komt knikkende vogelmelk minder voor.
Zie ook
Mierenbroodje
fitis-vogelmelk.jpg

Mieren slepen het zaad van knikkende vogelmelk naar hun nest. Er zit aan dat zaad een olieachtig spul dat mieren lekker vinden. Zo worden de zaden verspreid. Sneeuwklokjes en viooltjes hebben dat ook.
Verspreiding en habitat
Knikkende vogelmelk groeit vooral op kalkrijke plaatsen in de binnenduinen van Holland en op Texel. Verder komt hij als stinsenplant bij buitenplaatsen in Groningen, Friesland en Zeeland voor. Hij groeit op licht beschaduwde plaatsen tussen het gras, als er maar geen schapen grazen. In België zijn verwilderde exemplaren amper aanwezig, en is de plant maar op enkele plaatsen aan te treffen.