
Zie ook
Ten oosten van Buren ligt de Kooiplaats. Dit woonoord is ontstaan door de aanleg van de eendenkooi en het Kooihuis in dit gebied. Vroeger waren er voorbij de Kooiplaats nog twee dorpen: Swartwoude en Op ten Noord of Oerd genaamd. Het zijn vissersdorpen die in de 16e eeuw door stormvloeden en zandverstuivingen zijn verdwenen.
Klooster
Voor 1569 was het oosteinde van Ameland in bezit van het klooster Foswerd. Het hele gebied tussen de 'Rijd en de Sculbalg' hoorde bij het klooster. Echter door een overeenkomst tussen de abt en de heren van Ameland mochten deze er jagen. In 1580 eigenden de Cammingha's zich de kloostergoederen en ook het jachtrecht toe.
Koninklijk
In 1704 kocht Amalia van Anhalt Dessau, Prinses van Nassau, het eiland Ameland voor haar zoon Johan Willem Friso van Oranje Nassau. Hij was Stadhouder van Friesland. De koninklijke familie liet in 1705 een eendenkooi aanleggen: de Nassaukooi. De kooi bleef tot 1830 in bezit van de Nassau's. De bewoners van de Kooiplaats waren de kooikers, dat zijn de beheerders van de eendenkooi, en enkele boeren die vee lieten grazen op het Nieuwlandsreid. De eendenkooi leverde lange tijd veel op voor de koninklijke familie. In 1795 vervielen alle goederen van Prins Willem V aan de Staat der Nederlanden. Daartoe behoorde ook Ameland.
De traditie
In de loop van de tijd wisselde het Kooihuis en de eendenkooi nogal eens van eigenaar. Het waren vaak mensen van de vaste wal. Rond 1911 kwam de kooi in bezit van 5 Amelanders, ieder voor een vijfde deel.
De Tweede Wereldoorlog betekende het einde voor de eendenkooi. Rust en stilte, een eerste vereiste voor het vangen van eenden, was verdwenen. De kooiker woont nog altijd op de Kooiplaats. De andere bewoners zijn boeren. Een aantal boerderijen op de Kooiplaats worden in de zomer bevolkt door groepen toeristen en kinderkampen.
De vangst
Allerlei soorten eenden, zoals wilde eenden, slobeenden, pijlstaarten, smienten en talingen kwamen af op de rust en het voer van de eendenkooi. Bij goede vangst werden er wel 1000 vogels op een dag gevangen. Het gevogelte was een handelsproduct. Beurtschippers brachten het naar Amsterdam en andere gebieden. Frankrijk was een goede afnemer. In de loop der tijd nam het aantal eendenkooien af. De moderne tijd met zijn drukte en lawaai, en ook de waterbeheersing zorgden voor het verval. De kooiker van de Nassaukooi houdt uit historisch oogpunt de eendenkooi bedrijfsklaar. Er worden geen eenden meer gevangen. In het zomerseizoen zijn er rondleidingen. Informatie hierover is bij het Natuurcentrum en het VVV te vinden.
Bovenliggende categorieën
Vangpijp van de Nassaukooi op Ameland | © Johan Krol, archief Natuurcentrum Ameland