Overslaan en naar de inhoud gaan

Bonte mantel

De bonte mantel is een schelpdier dat op de Belgische en Nederlandse stranden vrijwel alleen als fossiel gevonden wordt. Die fossiele schelpen stammen uit de Eemtijd, toen Nederland en België een subtropisch klimaat kenden. Fossiele schelpen zijn vaak grijsblauw van kleur, ze zijn verkleurd met de tijd. Recente schelpen van de bonte mantel zijn zeer kleurrijk. Ze vallen erg op als ze op het strand aanspoelen, hoe klein ze ook zijn. Jonge bonte mantels kun je ook vinden op drijvende voorwerpen. Deze komen meestal uit zuidelijke wateren of uit het Verenigd Koninkrijk.

Namen 
la
Mimachlamys varia
nl
bonte mantel
en
variegated scallop
fr
pétoncle noir
de
bunte Kammuschel
meer namen
Kenmerken 
afmetingen
tot 7 centimeter
kleur
fossiel: grijs; levend bont gekleurd (roze, paars, geel, oranje, rood, wit of mix)
voedsel
filtert plankton
voortplanting
geslachtelijk; hermafrodiet

Verspreiding en habitat

De bonte mantel komt voor van Noorwegen tot de Middellandse Zee, en aan de westkust van Afrika. Toch is deze soort zeldzaam in onze Belgische en Nederlandse wateren, al komen aangespoelde individuen heel af en toe wel eens voor.

De soort voelt zich immers het best thuis langs rotskusten vanaf de laagwaterlijn tot op 100 meter diepte. Jonge dieren hechten zich met baarddraden vast aan stenen, ander harde ondergronden of tussen de aanhechtingsorganen van wieren. Ze leven in kolonies bij elkaar. Aan onze kusten kun je wel eens een jonge bonte mantel vinden die vastgehecht zit op een drijvend voorwerp.

PCD08001-bonte-mantel.jpg

Bonte mantel (fossiel) | © Ecomare, Sytske Dijksen

Bontgekleurd tot grijs fossiel

De bonte mantel wordt tot 6 centimeter groot, en kan je verwarren met de wijde mantel. De bonte mantel telt 25-33 uitstralende ribben vanuit de top. Bij de wijde mantel zijn er dat maximum 22. Bij bonte mantel zijn de beide kleppen even bol. Bij wijde mantel is er een platte en een bolle schelp. Maar het gemakkelijkst herken je bonte mantels door hun ongelijke ‘oortjes' aan de top zitten’: het voorste oortje is veel groter en heeft een andere vorm vergeleken met het achterste oortje. Door de schubben op de ribben, voelen de schelpen van bonte mantel ruw aan als een rasp.

Op het strand vind je bij ons vrijwel enkel aangespoelde fossiele kleppen. Deze zijn vaak blauwgrijs tot bruin gekleurd. Levende exemplaren kunnen wel heel bont gekleurd zijn: van geel en oranje tot bruinrood en paars, of gevlekt.

Jonge mannetjes, oudere vrouwtjes

Bonte mantels starten hun leven als een mannetje, maar worden later vrouwtjes. Dit heet in moeilijke woorden ‘protandrische hermafrodiet’. Bonte mantels zijn geslachtsrijp na zes maanden. De larven groeien eerst even binnenin de schelp van het vrouwtje. Vervolgens drijven ze nog een maandje vrij in het water rond en groeien ze verder uit. Dan zakken ze ze naar de bodem en hechten zich met byssusdraden vast op stenen of grote schelpen, vaak in de buurt van de ouderlijke kolonie.

Een goed gesmaakte soort

Met name in Bretagne (Frankrijk), wordt er op de bonte mantel gevist. De soort komt levend op de lokale markten. De visserij op bonte mantel moet aan strikte regels voldoen: omdat de populaties niet heel erg groot zijn, mag de visserijdruk niet te hoog zijn. Zo mogen alleen exemplaren die groter dan 3,5 centimeter aangeland worden.

Ook verschillende soorten krabben lusten graag bonte mantels, die ze openbreken met hun sterke scharen.

CC-BY-NC, VILZ & Ecomare 2020 - Laatst bijgewerkt: 2020.03.09