
Sint-janskruid bloeit ongeveer vanaf de langste dag, het feest van Sint Jan op 24 juni. De bloemen bloeien na elkaar, elk maar 2 of 3 dagen. De plant bloeit laat in het seizoen, tot in september. De geneeskrachtige Sint-Jansolie wordt uit deze plant gewonnen. Als je een blaadje tegen het licht houdt zie je puntjes, alsof het doorgeprikt is met een speld. Dat zijn de blaasjes met Sint-Jansolie! In zo'n blaasje hebben de cellen geen bladgroen, daarom ziet het eruit als een gaatje. Als je een bloem of zaaddoos fijnwrijft worden je vingers donkerrood. Bij andere leden van de hertshooifamilie komt die rode kleurstof niet vrij.
Habitat
Sint-janskruid komt vrij algemeen voor op zandgronden, vooral langs spoordijken en in wegbermen. In het duingebied groeit hij in droge, oude valleien; minder algemeen op de waddeneilanden. In veel landen is sint-janskruid een plant die oorspronkelijke planten overwoekert of wegconcurreert.
Gebruik
Sint-janskruid bevat een stof die goed is voor je hart, bloedvaten en zenuwstelsel. Een ander bestanddeel van deze plant wordt gebruikt voor het bestrijden van bacteriële en virusinfecties. Van de olie worden cremes gemaakt en de plant schijnt zelfs te werken tegen alcoholverslaving. Maar het meest bekend is het gebruik om depressies te genezen. Als dieren veel van deze plant eten is sint-janskruid dodelijk, net als jacobskruiskruid. Over sint-janskruid bestaan veel volksverhalen. Vroeger geloofden de mensen dat de plant je beschermde tegen de duivel. Wanneer je een plantje in je kleding, onder je hoed en onder je kussen bewaarde hield het boze geesten op een afstand. Hing je een bosje dat geplukt was op 24 juni op in je huis, dan was je beschermd tegen duivels, bliksem en brand. Dat geloofden mensen tot in de 20e eeuw!
Links
Bovenliggende categorieën
Sint-janskruid | © Foto Fitis, Sytske Dijksen
Sint-janskruid, blad | © Foto Fitis, Sytske Dijkse
Sint-janskruid | © Foto Fitis, Sytske Dijksen