
Aasgarnalen lijken op gewone garnalen, maar ze zijn veel dunner, en hebben geen scharen en looppootjes. Aasgarnalen heten in het Engels 'chameleon shrimp'; ze kunnen hun lichaamskleur veranderen van doorzichtig tot bijna zwart. Aasgarnalen kunnen zich met hun pootjes wel vasthouden aan stenen en zeewier. Ze eten plankton. Ze zwemmen rond met opgeheven kop. Jonge aasgarnaaltjes lijken meteen op hun ouders.

Zie ook
Verspreiding en habitat
Verschillende soorten aasgarnalen komen algemeen voor in de Waddenzee en de getijdenzone van de Noordzee. Daarnaast zijn er ook typische brakwatersoorten. De aasgarnaal heeft een voorkeur voor rustige plekken, waar er weinig stroming is. Soms vind je ze in getijdenpoeltjes.